Brood & Rozen, (2010)3 PDF Afdrukken E-mail
Brood & Rozen, (2010)3
Brood & Rozen, (2010)3
 
Vorige edities zie
website Brood & Rozen


Bestellen

   

Bijdrage
Bram Beelaert
‘Have you been to the doctor yet?’ Het Red Star Line-hygiëne- en controlestation voor emigranten als plek van herinnering
p. 5-23

Bijdrage
Stijn Oosterlynck en Pascal Debruyne
De strijd voor een stad op mensenmaat in Gent. Het Pandinistisch Verblijvingsfront en de herwaardering van de stad als woonomgeving
p. 24-41

Bijdrage
Bart De Wilde
Karnemelkpap, hutsepot, groenselsoep en ‘andere goedkoope en smakelijke plats’. Een bijzondere kookrubriek voor arbeiders in het weekblad ‘De Volkswacht’ (1891-1892)
p. 43-57

Opgemerkt
Alain Mélo
Honderd jaar Maison du Peuple in Saint-Claude
p. 59-63

Opgemerkt
Ellen Van Impe
Renaat Braem 1910-2010
p. 64-65

Collectie
Paule Verbruggen
Renaat Braem in Amsab-ISG
p. 66-73

Collectie
Rik De Coninck
De collectie van Nadya De Beule
p. 74-79

Collectie
Jessica Langouche
Het archief van de Centrale der Boeken Papiernijverheid-afdeling Gent
p. 81-83

Publicatie
Piet Creve
Met geschiedenis op reis. Twee publicaties naar aanleiding van veertig jaar Nederlands-Marokkaans wervingsverdrag
p. 84-85

Publicatie
Piet Creve
MARIA DERMITZAKI, Grieken in Limburg. Een halve eeuw migratie en integratie
p. 86-87




‘Have you been to the doctor yet?’ Het Red Star Line-hygiëne- en controlestation voor emigranten als plek van herinnering

Bram Beelaert, consulent wetenschappelijk werk Red Star Line | People on the Move

Aan de Rijnkaai in het Eilandje, het oude Antwerpse havenkwartier, is
onlangs de restauratie gestart van de originele sanitaire en medische
controle-installaties van de Red Star Line. In 2012 worden de gebouwen de
locatie van het nieuwe stedelijke migratiemuseum Red Star Line | People
on the Move. De Red Star Line bracht tussen 1873 en 1934 ongeveer twee
miljoen passagiers van Europa naar verschillende havens in de Verenigde
Staten en Canada. De migranten op het tussendek kwamen voornamelijk
uit Centraal- en Oost-Europa, maar ook nogal wat Belgen maakten de
oversteek met de rederij. De Red Star Line speelde een centrale rol in de
organisatie van de opvang van landverhuizers in Antwerpen, en in de
organisatie van de medische onderzoeken als anticipatie op de selectieprocedures in de VS. Het complex aan de Rijnkaai is dan ook een goed uitgangspunt om het verhaal te vertellen van de transitmigratie door Antwerpen naar Noord-Amerika. Dit artikel gaat de status na van het complex als ‘lieu de mémoire’, en schetst de bredere historische context waarbinnen het tot stand is gekomen en heeft gefunctioneerd. Het is een
verhaal met sociale, politieke, economische en culturele elementen, dat
ons een inzicht geeft in hoe de maatschappelijke en politieke houding
tegenover migratie veranderde naarmate de lange 19e eeuw haar einde
naderde.


‘Have you been to the doctor yet?’ The Red Star Line health inspection checkpoint for emigrants as a place of remembrance

Bram Beelaert, researcher, Red Star Line | People on the Move

In the old Antwerp docklands, at the Rijnkaai(Het Eilandje), the renovation of the original Red Star Line health inspection checkpoint has recently started. In 2012 the new municipal migration museum Red Star Line | People on the Move will be located in these premises. Between 1873 and 1934 Red Star Line ships brought more than two million passengers from Europe to different ports in the United States and Canada. Migrants travelling steerage came chiefly from Central and Eastern Europe, but quite a lot of Belgians also crossed the ocean. Red Star Line played a prominent role in taking care of the emigrants in Antwerp and in organizing the medical examinations in anticipation of the selection procedures in the United States. The premises at the Rijnkaai serve, therefore, as a useful starting point for telling the story of transit migration, via Antwerp to North America. This article examines what makes these premises a place of remembrance and outlines the broader historical context in which this checkpoint was established and operated. This story contains social, political, economic and cultural elements. They illuminate the issue of migration, i.e. how social and political attitudes towards migration shifted at the end of the long 19th century.


‘Have you been to the doctor yet?’ Le poste de contrôle et d’hygiène de la Red Star Line pour émigrants : un lieu de mémoire

Bram Beelaert, chercheur scientifique Red Star Line | People on the Move

Sur le Rijnkaai (quai du Rhin), au coeur de l’ancienne zone portuaire anversoise mieux connue sous le nom de ‘Eilandje’ (la Petite Ile), on s’attelle depuis peu à la restauration des installations originales de contrôle sanitaire et médical de la Red Star Line. En 2012, sera inauguré dans ces bâtiments le nouveau musée municipal de l’émigration Red Star Line | People on the Move. Entre 1873 et 1934, la Red Star Line transporta quelque deux millions de passagers d’Europe vers divers ports des Etats-Unis et du Canada. Si les émigrants de l’entrepont venaient principalement d’Europe Centrale et de l’Est, un certain nombre de Belges firent eux aussi la traversée avec cette compagnie d’armateurs afin de tenter leur chance dans le Nouveau Monde. La Red Star Line jouait un rôle important dans la gestion de l’accueil des émigrants à Anvers, ainsi que dans l’organisation de contrôles médicaux visant à opérer une sélection préalable aux procédures en vigueur aux Etats-Unis. Les locaux sur le Rijnkaai forment sans conteste un excellent tremplin pour narrer l’histoire de l’émigration de transit à destination de l’Amérique du Nord via la ville d’Anvers. Cet article examine l’aura des entrepôts de la Red Star Line en tant que ‘lieu de mémoire’, et brosse le contexte historique élargi dans lequel la compagnie maritime fut fondée et fonctionna. Il s’agit d’une histoire émaillée d’ingrédients sociaux, politiques, économiques et culturels, révélatrice de l’évolution des postures politiques et sociales vis-à-vis de l’immigration, tandis que le 19ème siècle touchait lentement à sa fin.



De strijd voor een stad op mensenmaat in Gent. Het Pandinistisch Verblijvingsfront en de herwaardering van de stad als woonomgeving

Stijn Oosterlynck, docent stadssociologie, Universiteit Antwerpen en postdoctoraal onderzoeker, K.U.Leuven en Pascal Debruyne, doctoraal onderzoeker, UGent

Eind jaren 1970 streed het Pandinistisch Verblijvingsfront voor het behoud
van de woonfunctie in het Pand in de historische Gentse wijk het Patershol.
Die strijd speelde zich af in een periode van grote verschuivingen in de visie en praktijk van stadsplanning en -vernieuwing. De jarenlang opgebouwde spanning tussen de vigerende autoritaire en modernistische vormen van planning en nieuwe, meer op inspraak en leefbaarheid gerichte vormen van stadsplanning kwam volop tot uitbarsting in de strijd van de pandinisten. In dit artikel plaatsen we het Pandinistisch Verblijvingsfront – een allusie op het Sandinistisch Bevrijdingsfront in Nicaragua – in de historische context van de opkomst van sociale stadsvernieuwing en analyseren we hoe de dichte sociale relaties in deze bijzondere woongemeenschap de basis vormden voor een strijd voor de herwaardering van oude stadswijken, met inspraak van de bewoners en respect voor het bestaande sociale weefsel en de woonfunctie.


The struggle for a human city in Ghent. The ‘Pandinistisch Verblijvingsfront’ and the revitalisation of urban neighbourhoods


Stijn Oosterlynck, assistant professor in urban sociology, Universiteit Antwerpen and FWO postdoctoral researcher, K.U.Leuven, and Pascal Debruyne, doctoral researcher, Universiteit Gent

At the end of the 1970s the ‘Pandinistisch Verblijvingsfront’ – an allusion to the Sandinista National Liberation Front in Nicaragua – fought to preserve the Pand, an ancient monastery in the historic Ghent Patershol neighbourhood, for residential purposes. This happened at a time when urban planning and renewal practices and visions were rapidly changing. The mounting tension between the prevailing authoritarian and modernistic forms of urban planning and new forms of urban planning, much more oriented towards community well-being and the involvement of the residents, culminated in the ‘Pandinist’ struggle. This article situates the ‘Pandinistisch Verblijvingsfront’ in the historical context of emerging social urban renewal. It focuses on the close social relationships between the residents in this unique housing community, examining how these provided the basis for the struggle to revitalise old urban neighbourhoods with participation of the residents and respect for the existing social relations and the housing function.


Le combat pour une ville à taille humaine à Gand. Le ‘Pandinistisch Verblijvingsfront’ et la revalorisation de la ville en tant qu’habitat

Stijn Oosterlynck, professeur de sociologie urbaine, Universiteit Antwerpen et chercheur postdoctorant FWO, K.U.Leuven, et Pascal Debruyne, chercheur doctorant, Universiteit Gent

A la fin des années 1970, le ‘Pandinistisch Verblijvingsfront’ – une allusion au Front Sandiniste au Nicaragua – luttait pour le maintien de l’habitat dans le Pand, au coeur du quartier du Patershol situé dans le centre historique de Gand. Ce combat se déroulait à une époque d’importants glissements dans la façon d’appréhender et de concevoir la rénovation et l’aménagement urbains. La tension, qui au fil des ans s’était fait jour entre les formes modernistes et autoritaires d’urbanisation alors en vigueur et les nouvelles formes d’urbanisme, plus axées sur la participation et la qualité de vie, finit par exploser dans le combat des Pandinistes. Dans cette contribution, nous plaçons le ‘Pandinistisch Verblijvingsfront’ dans le contexte historique de l’émergence d’un renouveau urbain social et analysons comment les interactions sociales étroites au sein de cette communauté d’habitation spécifique, formèrent le terreau d’une revalorisation des anciens quartiers urbains, dans le respect de l’habitat, du tissu social existant et de l’avis de ses habitants.



Karnemelkpap, hutsepot, groenselsoep en ‘andere goedkoope en smakelijke plats’. Een bijzondere kookrubriek voor arbeiders in het weekblad ‘De Volkswacht’ (1891-1892)

Bart De Wilde, historicus

Van mei 1891 tot augustus 1892 verscheen in het socialistische weekblad De Volkswacht een van de eerste populaire kookrubrieken in Vlaanderen. De anonieme auteur KOK focuste daarin vooral op de bereiding van de eenvoudigste gerechten als aardappelen, soep en mosselen. De rubriek richtte zich duidelijk naar het arbeiderspubliek van het weekblad. KOK beperkte zich daarbij niet tot loutere receptuur, maar leverde ook commentaar en gaf bedenkingen bij de culinaire gewoontes en tradities van de arbeiders. Uit de rubriek blijkt alvast hoe slecht het was gesteld met de arbeiderskeuken. Naast materiële omstandigheden, geld- en tijdgebrek, zorgde ook het gebrek aan kennis van culinaire basistechnieken voor heel wat problemen. KOKs missie was de arbeiders die basistechnieken bij te brengen. Tegelijk probeerde hij enige verfijning in de gerechten te brengen en advies te geven over een gezonde en evenwichtige voeding. De rubriek is dan ook een uitstekende bron om een zicht te krijgen op de dagelijkse eet- en kookcultuur in deze periode.
Dit artikel kadert in een groter onderzoek naar arbeiders en hun voeding (1880-1950) waaraan Bart De Wilde momenteel werkt.


Buttermilk porridge, hotchpotch, vegetable soup and ‘other cheap and tasty dishes’. A special cookery column for workers in the ‘De Volkswacht’(weekly, 1891-1892)

Bart De Wilde, historian

From May 1891 to August 1892 one of the first popular cookery columns in Flanders appeared in De Volkswacht, a socialist weekly. In this column the anonymous author, KOK, mainly focuses on the preparation of the most frugal dishes such as potatoes, soup and mussels. So it clearly targets the working-class audience of this weekly. KOK does not confine himself to merely looking at food preparation, but also comments and reflects on working-class eating and cooking habits and traditions.
The column clearly reveals how poor the working-class diet is. Material conditions and lack of money and time are major obstacles, but problems also arise from insufficient knowledge about basic cooking techniques. KOK’s mission is, therefore, to impart these techniques to workers. He suggests more sophisticated dishes as well and tries to give advice on a healthy and balanced diet. The column thus proves to be an excellent source of information about the daily eating and cooking habits during that period.
This article forms part of a broader research project on workers and their diet (1880-1950). Bart De Wilde is currently working on this project.


Bouillie au petit-lait, hochepot, soupe verte et ‘autres plats goûteux et pas chers’. Une rubrique culinaire spécialement destinée aux ouvriers dans l’hebdomadaire ‘De Volkswacht’ (1891-1892)


Bart De Wilde, historien

De mai 1891 à août 1892, parut dans l’hebdomadaire socialiste De Volkswacht l’une des premières rubriques culinaires populaires de Flandre. KOK, l’auteur anonyme, met surtout l’accent sur la confection des plats les plus simples tels les pommes de terre, la soupe ou encore les moules. La rubrique est donc clairement destinée au lectorat ouvrier du journal. KOK ne se limite pas uniquement aux préparations, mais assortit également ses recettes de commentaires et réflexions concernant les habitudes et traditions culinaires des ouvriers.
Cette rubrique atteste du piètre état de la ‘cuisine ouvrière’: outre les contingences matérielles et le manque d’argent et de temps, le déficit de connaissances en matière de techniques culinaires élémentaires se révèle être, lui aussi, source de problèmes divers. KOK se donne donc également pour mission de familiariser les ouvriers avec ces techniques de base et tente, dans la même foulée, d’instiller une touche de raffinement aux plats, tout en prodiguant des conseils d’alimentation saine et équilibrée. La rubrique constitue donc par ailleurs une formidable mine de renseignements à propos de la culture alimentaire et culinaire de tous les jours, à cette époque.
Cette contribution s’inscrit dans le cadre d’une étude de plus grande ampleur traitant des ouvriers et de leur alimentation (1880-1950), à laquelle se consacre actuellement Bart De Wilde.