Brood & Rozen, (2015)2 PDF Afdrukken E-mail
Image 


Bestellen

 


Edito
Paule Verbruggen
pp. 2-3

Bijdrage
Gwenn Van den Steen 
Alles voor de slanke lijn. Een historische kijk op de afslanktrend in Nederland (pdf)
pp. 5-25

Bijdrage
Sven Tuytens
Op zoek naar sporen van Piet ‘Israël’ en Emiel Akkerman in Spanje (november 1936-januari 1937) 
pp. 26-39

Opgemerkt
De grote parade van HART BOVEN HARD 
pp. 40-45 

Curiosum
Rita Calcoen
Cartes de visite. Tentoonstelling in Amsab-ISG
pp. 46-53

Collectie 
Piet Creve
Vluchten kan steeds minder. De archieven van het Overlegcentrum Integratie van Vluchtelingen en van Vluchtelingenwerk Vlaanderen
pp. 54-56 

Recensie
Bruno De Wever
Herman BALTHAZAR & Nico VAN CAMPENHOUT, Twee jonge Vlamingen in den Groote Oorlog. Oorlogsdagboeken en levensverhaal van de flaminganten August Balthazar en Leo Picard 
pp. 57-64 

Recensie
Marc Boone
Koen AERTS, Maarten VAN GINDERACHTER, Antoon VRINTS (red.), Het land dat nooit was. Een tegenfeitelijke geschiedenis van België
pp. 65-71

 




Alles voor de slanke lijn. Een historische kijk op de afslanktrend in Nederland (lees meer pdf)

Gwenn Van den Steen, master in de Geschiedenis, VUB

‘Op dieet gaan’, wie kent het niet? Of het nu uit gezondheids- of uit esthetische overwegingen is, bijna iedereen wil tegenwoordig afslanken. De afgelopen decennia kan er zelfs gesproken worden van een heuse afslanktrend. Onderzoekers uit verschillende disciplines hebben zich in deze problematiek verdiept. Vooral in de psychologie, de sociologie en de genderstudies kreeg het onderwerp veel aandacht. Daarbij ontbrak echter veelal de historische dimensie. Slechts enkele, voornamelijk Amerikaanse, geschiedkundigen waagden zich aan een studie over dit onderwerp. Peter Stearns, Roberta Pollack Seid en Hillel Schwartz zijn de belangrijkste auteurs die de afslanktrend vanuit een historisch oogpunt benaderden. Zij situeerden het ontstaan ervan in de Verenigde Staten rond 1900. Als mogelijke ontstaansredenen brengen ze de veranderende positie van de vrouw, de toegenomen voedselzekerheid en de vooruitgang in de wetenschap aan. Het opzet van deze bijdrage is om de geldigheid van hun stelling te toetsen aan de Europese context. Niet de waarom-vraag staat hierbij centraal, maar de of-vraag. Of er werkelijk sprake was van een afslanktrend in de eerste helft van de 20e eeuw? Of de tijdgenoten zich daarvan bewust waren? Welke (al dan niet juiste) verklaringen zij zelf gaven voor dit fenomeen? En hoe werd er in de media over bericht? Concreet komen volgende thema’s aan bod: de invulling van het begrip ‘slanke lijn’, de medische opinies over afslanken, ideeën over vetten, vitaminen en calorieën, en de genderverhoudingen binnen de afslanktrend.

Doing everything possible to stay slim. The trend towards slimming down in the Netherlands from a historical perspective

Gwenn Van den Steen, master in History, Free University of Brussels

Who is not yet familiar with going on a diet? For medical or aesthetic reasons, nearly everyone wants to slim down nowadays. Over the past decades, we have even witnessed a genuine trend towards slimming down. Researchers from a variety of different disciplines have tackled this issue. Psychologists, sociologists and gender researchers developed a special interest in it. However, the historical dimension was often missing from their work. Only a few, mainly American historians dared to study this subject, such as Peter Stearns, Roberta Pollack Seid and Hillel Schwartz (to mention but the most important ones). They took a historical perspective on the trend towards slimming down, tracing the origins of it to the USA around the turn of the twentieth century. The latter appear to lie in the changing role and status of women in American society, the increased food security and advances in science. This article aims to assess the validity of their hypothesis for Europe and draws upon the author’s research for her master dissertation. The author is not addressing the ‘why’ question, but the ‘if’ question. Can one positively identify a trend towards slimming down in the first half of the twentieth century? Were people aware of it at the time? And did they provide adequate explanations for this phenomenon? How did the media cover this trend? The following issues are raised in this article: the concept and the definition of ‘staying slim’, the medical views on slimming down, opinions on fats, vitamins and calories, and the impact of this trend on gender relations.

Tout pour garder la ligne. Un regard historique porté sur la tendance à la minceur aux Pays-Bas

Gwenn Van den Steen, maître en Histoire, VUB

‘Faire un régime’, qui donc n’a jamais tenté l’expérience? Que ce soit pour des raisons de santé ou des considérations esthétiques, quasiment tout le monde, au jour d’aujourd’hui, subit le diktat de la minceur. L’on peut même affirmer que nous sommes ces dernières décennies face à une tendance à la minceur avérée. Des chercheurs issus de diverses disciplines, − en particulier la psychologie, la sociologie et les études portant sur le genre −, se sont penchés sur le sujet mais force est de constater que la dimension historique fait souvent défaut. Seuls quelques historiens, pour la plupart des Américains tels Peter Stearns, Roberta Pollack Seid et Hillel Schwartz, se sont risqués à étudier cette inclination pour la minceur sous l’angle historique. Ils en situent l’émergence autour des années 1900 aux Etats-Unis et pointent l’évolution de la place de la femme, une sécurité alimentaire accrue et les progrès de la science comme moteurs probables de son apparition. Le but de cette contribution, basée sur mon mémoire de master, est de vérifier si leur thèse peut s’appliquer au contexte européen. Ce n’est donc pas tant la question du pourquoi qui nous intéresse au premier chef, mais bien celle de son bien-fondé. Sommes-nous effectivement en présence d’une tendance à la minceur dans la première moitié du 20e siècle? Les contemporains en étaient-ils conscients? Et quelles explications (pertinentes ou non) ceux-ci donnaient-ils à ce phénomène? Comment les médias en rendaient-ils compte? Nous abordons très concrètement les thèmes suivants: le concept de la minceur, les points de vue du corps médical sur la minceur, les idées qui circulaient à propos des graisses, des vitamines et calories, ainsi que la répartition hommes/femmes dans le cadre de cette tendance.


Op zoek naar sporen van Piet ‘Israël’ en Emiel Akkerman in Spanje (november 1936-januari 1937)

Sven Tuytens, VRT-correspondent in Madrid

Uit iedere oorlog groeien legendes. Voor de Spaanse Burgeroorlog zijn er de Amerikanen Oliver Law, de Duitsers Hans Beimler en de Italianen Guido Picelli. Allen waren interbrigadisten met leidende functies, die tijdens de burgeroorlog hun leven lieten en uitgroeiden tot mythische revolutionairen. Ik heb mij lang afgevraagd waarom er tussen de bijna 2400 vrijwilligers uit België die in Spanje gingen vechten, niemand tot een ‘mythisch’ icoon uitgroeide. ‘Ken je Akkerman?’, vroeg Rudi Van Doorslaer, directeur van CEGESOMA, mij vorig jaar. In 1991 schreef hij een boeiend artikel over de Antwerpse diamantzager en vakbondsleider Piet Akkerman, die het in Spanje op 23-jarige leeftijd schopte tot politiek commissaris van een bataljon van een van de Internationale Brigades. Volgens Van Doorslaer was Piet Akkerman iemand die de kwaliteiten bezat om een van die arbeidersleiders te worden, zoals België er enkele heeft voortgebracht in de 19e en 20e eeuw. Zijn radicaal links engagement kostte hem uiteindelijk het leven op het slagveld van de Spaanse Burgeroorlog. Ook zijn oudere broer Emiel vertrok naar Spanje om de oorlog der oorlogen uit te vechten.

Tracing the steps of Piet ‘Israël’ and Emiel Akkerman in Spain (November 1936-January 1937)

Sven Tuytens, Flemish radio and television (VRT) correspondent in Madrid

War breeds legends. With respect to the Spanish Civil War, the names of Oliver Law (USA), Hans Beimler (Germany) and Guido Picelli (Italy) ring a bell. They played a leading role in the International Brigades; and they were revolutionaries, who were killed during the War and whose fame assumed legendary proportions. The author has been asking himself for years why no Belgian volunteer ever became a ‘mythical icon’. Nearly 2400 volunteers left Belgium to fight in Spain. One of them was Piet Akkerman. His name was suggested to the author by Rudi Van Doorslaer, the current director of CEGESOMA, the Brussels-based Centre for Historical Research and Documentation on War and Contemporary Society. The latter wrote a fascinating article on Akkerman in 1991. He was an Antwerp diamond cutter and a trade union leader, who served as a political commissar to his battalion at the age of 23. According to Van Doorslaer, he had the skills and abilities to become a prominent labour leader, having great potential equalled perhaps only by some of Belgium’s 19th and 20th century labour leaders. His commitment – and radical, leftwing views – ultimately cost Akkerman his life. His older brother, Emiel, also fought and died in Spain.

Sur les traces de Piet ‘Israël’ et Emiel Akkerman en Espagne (novembre 1936-janvier 1937)

Sven Tuytens, correspondant de la VRT à Madrid

Toute guerre fabrique des légendes. La Guerre civile espagnole a vu en effet éclore celle de l’américain Oliver Law, de l’allemand Hans Beimler ou encore de l’italien Guido Picelli. Tous furent des interbrigadistes occupant des fonctions dirigeantes, qui ont perdu la vie pendant la Guerre civile et ils sont devenus des figures révolutionnaires mythiques. Je me suis longtemps demandé pourquoi, parmi les quelques 2400 volontaires partis de la Belgique combattre en Espagne, aucun n’avait émergé comme icône ‘mythique’. ‘Connais-tu Akkerman?’, me demanda l’an dernier, Rudi Van Doorslaer, directeur du CEGESOMA. En 1991, il rédigea un article passionnant à propos du scieur de diamant et dirigeant syndicaliste, Piet Akkerman qui à 23 ans réussit à devenir commissaire politique d’un bataillon de l’une des Brigades Internationales. Selon Van Doorslaer, Piet Akkerman réunissait les qualités requises pour devenir un de ces dirigeants ouvriers, comme la Belgique en a pu engendrer quelques-uns aux 19e et 20e siècles. Mais son engagement radical de gauche allait finalement lui coûter la vie sur le champ de bataille. Son frère aîné Emiel partit lui aussi en Espagne pour prendre part à la guerre des guerres.



De grote parade van HART BOVEN HARD

In augustus 2014 zag de burgerbeweging HART BOVEN HARD het licht, na de eerste besparingsplannen van de nieuwe Vlaamse regering. Op initiatief van cultuurjournalist Wouter Hillaert en uitgever Hugo Franssen kwamen burgers en vertegenwoordigers uit allerlei sectoren samen om een gezamenlijk antwoord te bespreken. Dat kwam er met de Alternatieve Septemberverklaring: een pleidooi tegen de ongelijkmatige besparingen op vooral gezinnen, organisaties en overheidsvoorzieningen, en voor meer ambitieuze investeringen in de vele sociale en ecologische uitdagingen in België. Intussen hebben meer dan 17.000 burgers en bijna 1500 organisaties de Septemberverklaring ondertekend en zijn er al in een twintigtal steden lokale kernen van HART BOVEN HARD actief. Van studenten en gepensioneerden tot sociale en culturele organisaties, allen willen ze gaan voor een samenleving die hart boven hard verkiest − een keuze voor gelijkheid, solidariteit en zuurstof voor mensen, in plaats van een al te economische kijk op onze samenleving. Op zondag 29 maart 2015 organiseerde HART BOVEN HARD samen met de Waalse zusterbeweging TOUT AUTRE CHOSE de Grote Parade, een kleurrijke en kritische optocht door de straten van Brussel. De 20.000 deelnemers uitten er tien hartenwensen voor een andere, menselijkere samenleving. Geert Bonne, fotograaf bij Amsab-ISG, maakte er een fotoreportage, waarvan hier een selectie.

The big HART BOVEN HARD parade

The civic movement HART BOVEN HARD (Heart versus hard) emerged in August 2014 following a leak about the first series of austerity measures planned by the new Flemish government. The initiative to respond to them came from Wouter Hillaert, a cultural journalist, and Hugo Franssen, a publisher, who managed to bring together citizens and representatives from a variety of civil society organizations. They issued the Alternative September Declaration, refuting unjust cuts hitting mainly families, organizations and public services and pleading for more ambitious investment plans in social and ecological projects. Over the last ten months, more than 17 000 citizens and nearly 1500 organizations signed the Declaration. Also, local branches were set up in about twenty cities. The membership of the HART BOVEN HARD movement includes students, pensioners, and social and cultural organizations. They are united in their battle for a more equal society, preferring solidarity to taking a purely economic approach. HART BOVEN HART, together with its Walloon sister movement TOUT AUTRE CHOSE, organized the Big Parade in Brussels, on 29 March 2015. It was a colourful event, critical of the government plans. About twenty thousand participants expressed their deepest wishes – ten in all – for a different, more human society. The Amsab-ISH photographer Geert Bonne was there. He selected some of his parade pictures.

La grande parade de HART BOVEN HARD

Le mouvement citoyen HART BOVEN HARD a vu le jour en août 2014, à la suite des premières fuites sur les mesures d’austérité du nouveau gouvernement flamand. A l’initiative du journaliste culturel Wouter Hillaert et de l’éditeur Hugo Franssen, des citoyens et représentants de divers secteurs se sont rassemblés pour débattre d’une réponse commune. Ils ont constitué le noyau de ce qui allait déboucher sur la Déclaration Alternative de Septembre: un plaidoyer contre les mesures d’économie inéquitables qui affectent au premier chef les familles, les associations et les aides publiques, mais en faveur d’investissements plus ambitieux pour relever les défis sociaux et écologiques en Belgique. Entretemps, plus de 17.000 citoyens et quelque 1500 associations ont signé la Déclaration de Septembre et pas moins d’une vingtaine de villes ont déjà vu fleurir des antennes locales de HART BOVEN HARD. Les étudiants comme les pensionnés, les associations sociales et culturelles, tous s’engagent pour défendre un ‘vivre ensemble’ où le coeur prime sur la rigueur, faisant le choix de l’égalité, de la solidarité et de la bouffée d’oxygène pour chacun. Ils entendent ainsi combattre cette vision par trop économique de notre société. Le dimanche 29 mars 2015, en collaboration avec son cousin wallon TOUT AUTRE CHOSE, HART BOVEN HARD a organisé sa Grande Parade, un cortège haut en couleurs et critique à travers les rues de Bruxelles. Les 20.000 participants y ont exprimé en choeur dix voeux pour une société alternative, plus humaine. Geert Bonne, photographe auprès de l’Amsab-IHS, en a tiré un reportage photos. Nous en avons sélectionné quelques-unes que nous vous proposons ici.